Naar de inhoud
Mats zit met een grote koptelefoon op zijn bed bij het warme licht van een avondlamp.
0% gelezen

Hoofdstuk 24

Koptelefoon op

MatsThuis

Mats had de beste koptelefoon van de klas. Noise cancelling. Hij had er twee verjaardagen en een communiefeest voor gespaard. Iedereen dacht dat het voor gamen was.

Het was niet voor gamen.

Het was voor 's avonds. Als het beneden begon.

Het ging altijd over iets kleins. Geld. Wie de vuilzakken buiten had moeten zetten. Waarom papa zo laat thuis was. Het begon rustig en werd luider. Een deur die klapte. Een stoel die over de vloer schoof. Soms mama die huilde.

Ze sloegen niet. Dat wist Mats zeker. Maar het geschreeuw kroop door de vloer en in zijn buik.

Dus zette hij zijn koptelefoon op. Muziek zo luid dat zijn oren suisden. En hij wachtte. Tot het stil werd.

Soms wachtte hij tot middernacht.

Op school was hij moe. Prikkelbaar. Je weet nog wel, het kruitvat uit hoofdstuk 12. Daria noemde hem nog altijd "kleine hond", maar nu op een vriendelijke manier.

Op een dinsdag sliep hij in tijdens geschiedenis. Met zijn hoofd op zijn boek. Hij werd wakker met een streep van de bladzijde op zijn wang.

Juf Hilde vroeg hem na de les te blijven. Mats verwachtte een preek. Die kwam niet.

"Ge ziet er moe uit," zei ze. "Al een tijdje. Slaapt ge goed?"

"Gaat wel."

"Is er iets dat u wakker houdt?"

Mats keek naar zijn schoenen. Hij dacht aan de koptelefoon. Aan de deur die klapte.

"Mijn ouders maken ruzie," zei hij. "Veel. Ik weet niet of dat ergens over gaat. Misschien is het mijn schuld, ik heb dat rapport..."

Juf Hilde liet hem uitpraten. Toen zei ze twee dingen. Mats onthield ze allebei.

"Eerst: ruzie tussen volwassenen is nooit de schuld van een kind. Nooit. Ook niet als ze ruziemaken over iets dat met u te maken heeft. Dan gaat de ruzie nog altijd over hoe zij ermee omgaan, niet over u."

"En ten tweede: het is niet uw taak om het op te lossen. Ook niet om het te dragen in uw eentje."

Mats knikte. Hij voelde zijn ogen warm worden. Hij hield het tegen.

"Wilt ge dat ik met uw ouders praat?" vroeg juf Hilde. "Of het CLB? Of wil je eerst zelf iets proberen?"

Mats wilde eerst zelf iets proberen. Op zondag, bij zijn oma, vertelde hij het. Zijn oma was de mama van zijn papa. Ze zette haar koffie neer en zei: "Ik dacht al dat er iets was."

Die avond belde oma met papa. Mats weet niet wat ze zeiden. Maar een week later zaten zijn ouders samen met hem aan tafel. Ze zeiden dat ze naar iemand gingen om te leren beter ruzie te maken. "Een relatietherapeut," zei mama. Papa zei: "Een scheidsrechter."

Het bleef niet altijd stil. Maar als het toch luider werd, mocht Mats nu een bericht sturen: koptelefoon. Dat was het afgesproken woord. Dan stopten ze, of gingen ze naar buiten om verder te praten.

De koptelefoon gebruikt hij nu vooral voor gamen. Zoals iedereen dacht.

Real talk

Veel jongeren horen hun ouders ruziemaken. Dat is niet altijd gevaarlijk, maar het kan wel heel zwaar zijn: slecht slapen, buikpijn, je schuldig voelen. Ruzie tussen ouders is nooit jouw schuld en nooit jouw taak om op te lossen.

Praat erover met iemand uit je jungle-kaart, ook als het "maar ruzie" is. Een grootouder, een leerkracht, het CLB.

Wordt er geslagen, gegooid of gedreigd? Of ben je bang thuis? Vertel het meteen aan een volwassene die je vertrouwt, of bel een van de nummers achteraan. Dan is het geen ruzie meer, en heb je recht op hulp.

“Jullie ruzie is niet mijn schuld. En niet mijn taak.”

Welkom in de Jungle · Hoofdstuk 24

* Wie zit er in jouw jungle-kaart? Of kijk bij: Als je netwerk even niet genoeg is

Naar het oefenboek bij dit hoofdstuk