Naar de inhoud

Voor wie meeleest

Woordenboek voor ouders

Voor ouders, leerkrachten en andere volwassenen die dit boek meelezen en zich soms afvragen waar het over gaat. Voor jongeren: lees vooral mee en lach om hoe wij het uitleggen.

Jongerentaal verandert sneller dan dit boek gedrukt wordt. Tegen dat je dit leest, is de helft misschien al "cringe". Dat is oké. Het belangrijkste woord blijft: vraag het gewoon.

WoordWat het betekentVoorbeeld
lowkeyeen beetje, eigenlijk, stiekem wel"Lowkey niet chill." (Het gaat niet goed, maar ik wil er geen drama van maken.)
highkeyheel duidelijk, zonder twijfel"Highkey de beste frieten van Vlaanderen."
cringegênant, plaatsvervangende schaamteEen ouder die "lowkey" probeert te zeggen.
chillrustig, oké, geen probleem"Chill, het was maar een grap." (Let op: vaak is het geen grap.)
gastvriend, maat, man"Gast. Met woorden."
susverdacht"Dat bericht is sus."
no capecht waar, ik lieg niet"No cap, ik heb mijn taak gemaakt."
ghosteniemand plots negeren zonder uitlegZie hoofdstuk 8.
op gelezen latenje ziet dat het bericht gelezen is, maar er komt geen antwoordDe moderne versie van de deur dichtslaan.
streakeen reeks dagen waarop je elkaar elke dag een foto stuurtEen streak laten doodgaan kan voelen als een kleine breuk.
storyeen post die na 24 uur verdwijntWaar je ziet wie op het feestje was, en wie niet.
flexenopscheppen"Hij flext met zijn nieuwe gsm."
rizzcharme, vooral bij versieren"Hij heeft nul rizz." (Geen compliment.)
NPCiemand die doet alsof hij een figurant in een game is: zonder eigen mening"Doe niet zo NPC."
slayhet geweldig doen"Ze slayde die presentatie."
bruhuitroep van ongeloof of teleurstellingHet antwoord op bijna elke vraag van een ouder.
ickiets kleins waardoor je iemand plots onaantrekkelijk vindt"Hij at zijn frieten met een vork. Instant ick."
ambetant (Vlaams)vervelend, lastigNiet nieuw. Wel nog altijd van toepassing op maandagochtenden.
amai (Vlaams)alles. Echt alles.Zie hoofdstuk 25.

Drie tips voor volwassenen

  1. Probeer de woorden niet te gebruiken om er cool uit te zien. Dat werkt nooit. Ze begrijpen is genoeg.
  2. Een woord als "chill" of "maakt niet uit" kan ook een gesloten deur zijn. Kijk naar wat erachter zit. Zie hoofdstuk 35.
  3. De beste vraag blijft dezelfde als in het boek: "Wat heb je vandaag nodig?" Die werkt in elke taal.