De communie van haar nichtje. Zaal De Linde, zondag, twaalf uur. Lina wist al hoe het zou gaan voor ze de deur opendeed.
"Ah, daar is ze! Ons Lina!"
Nonkel Marc. Armen wijd open, alsof hij een vliegtuig wilde nadoen. Hij rook naar aftershave en pistolets.
"Kom eens hier, gij. Een dikke knuffel voor nonkel. En een zoen."
Lina's lijf deed wat het altijd deed. Haar schouders gingen omhoog. Haar buik kneep samen. Als ze een egel was geweest, stonden nu al haar stekels recht.
Ze liet het gebeuren. Zoals altijd. Knuffel, natte zoen op haar wang, klopje op haar hoofd alsof ze vijf was.
Daarna tante Gerda, die in haar wangen kneep. Daarna een neef van mama die ze maar één keer per jaar zag en die haar optilde "om te zien hoe zwaar ze al was".
Na twintig minuten zat Lina op het toilet. Niet omdat ze moest. Omdat het de enige plek was waar niemand haar kon vastpakken.
Bomma Lieve vond haar daar. Natuurlijk vond bomma haar daar.
"Ge zit hier al een kwartier," zei ze door de deur. "Ofwel zijt ge ziek, ofwel zijt ge aan het vluchten."
Lina deed de deur open. "Vluchten."
"Voor nonkel Marc?"
"Voor iedereen. Waarom moet ik iedereen een kus geven? Ik ken de helft van die mensen niet eens."
Bomma ging op het randje van de lavabo zitten, wat ze eigenlijk niet meer mocht van de kinesist.
"Ge moet niemand een kus geven," zei ze. "Niemand. Ook geen familie. Ook mij niet."
"Maar dan is nonkel Marc boos."
"Dan is nonkel Marc boos. Dat is zijn probleem. Uw lijf is van u."
Lina keek haar aan. Zo simpel had nog niemand het gezegd.
"Ge kunt een hand geven," zei bomma. "Of zwaaien. Of een boks. Gij kiest."
Bij het dessert kwam nonkel Marc terug. Hij had al drie glazen cava op.
"Lina! Gij zijt mij nog een knuffel schuldig voor het afscheid!"
Lina's buik kneep samen. Ze haalde adem.
"Nee, nonkel." Ze stak haar vuist uit. "Boks?"
Het werd even stil aan tafel. Nonkel Marc keek naar haar vuist alsof het een buitenaards voorwerp was.
"Allee zeg," zei hij. "Zijt ge nu te groot voor uw nonkel?"
Lina's mama legde haar vork neer. "Ze mag kiezen, Marc."
Nonkel Marc keek van Lina naar mama naar bomma, die heel onschuldig in haar tiramisu zat te roeren.
Toen boksten ze.
Het gekke was: nonkel Marc vond het geweldig. De rest van de middag boksde hij met iedereen. Met de pastoor. Met de ober. Met het communiekantje, dat er bijna van omviel.
Op weg naar huis zei Lina tegen bomma: "Ik denk dat ik nonkel Marc net iets geleerd heb."
"Ge hebt vooral uzelf iets geleerd," zei bomma.
